Digitale inclusie gaat over ons allemaal

Ik zie steeds meer gesprekken ontstaan rondom digitale inclusie. Vaak als een doel op zich: iedereen moet mee, iedereen moet digitaal worden. Het klinkt vaak alsof het over "anderen" gaat. Mensen die niet digitaal vaardig genoeg zijn, die achterblijven, die hulp nodig hebben.

Grote groep mensen die een zebrapad oversteekt, van bovenaf gezien

Bijna. Het gaat niet alleen over de ander: het gaat over ons allemaal. Over de gebruikers én de makers. Dit is mijn visie:

Niemand blijft zijn hele leven digitaal zelfredzaam. We worden ouder, krijgen beperkingen, raken het overzicht kwijt of hebben simpelweg andere prioriteiten. Op een bepaald moment heeft iedereen ondersteuning nodig. Dit is geen uitzondering, eerder normaal.

“1 op de 5 Nederlanders (12 jaar en ouder) heeft moeite met digitale middelen” — CBS, 2023

Toch bouwen we vaak systemen die ervan uitgaan dat iedereen altijd mee kan, of op een gegeven moment mee zou moeten kunnen. “We moeten de mensen met laaggeletterdheid of weinig digitale vaardigheden trainen, dat is inclusief.” De oplossing ligt niet in het digitaliseren van alles en iedereen (“volledig digitale inclusie”) of het oplossen van geïsoleerde symptomen, maar in het creëren van een samenleving waarin iedereen een waardevolle plek heeft en waarin iedereen mee kan doen, op de manier die voor hem of haar werkt.

En ja, technologie kan daarin helpen. Zo hoorde ik een voorbeeld waarin iemand met beperkte financiële middelen liever wél haar spreekuur online deed. Op deze manier hoefde ze geen geld uit te geven aan het openbaar vervoer of aan een oppas. Dit was voor haar de oplossing.

Als we het samen ontwerpen, in plaats van vóór de doelgroep te beslissen, kunnen we er iets moois van maken.

Geschreven door Lauren.